{"id":745,"date":"2008-01-17T10:18:17","date_gmt":"2008-01-17T10:18:17","guid":{"rendered":"http:\/\/www.joswassink.nl\/inzicht\/?p=745"},"modified":"2010-07-05T10:20:34","modified_gmt":"2010-07-05T10:20:34","slug":"japans-wonen-werken-en-winkelen","status":"publish","type":"post","link":"https:\/\/www.joswassink.nl\/inzicht\/?p=745","title":{"rendered":"Japans wonen, werken en winkelen"},"content":{"rendered":"<p><em>Delta 3, 17 jan 2008, lifestyle over proefschrift Dave van  Eijnsbergen<\/em><\/p>\n<h3><em> <\/em><strong>Japans  wonen, werken en winkelen<\/strong><\/h3>\n<p>Met 35 miljoen inwoners in een  gebied ter grootte van een derde van Nederland is Tokyo met recht een  compacte stad te noemen. Gebouwen die wonen, werken en winkelen  combineren zijn een typisch Japanse oplossing voor het moderne stedelijk  leven.<em><!--more--><br \/>\n<\/em><\/p>\n<p>Neem nu het in 2003 opgeleverde complex Rappongi Hills, het grootste  private stedelijk project in Japan. Naast de centrale kantoortoren en de  twee hoge en twee lage woontorens bevinden zich in de gebouwen een  museum, een theater, een cr\u00e8che en los van de hoofdgebouwen een  televisiestation. Het geheel omvat elf hectare grond en is gelegen aan  het kruispunt van twee metrolijnen. De entree voor voetgangers is vanuit  de metro. In het tonvormige gebouw zijn projecties te zien en lichte  muziek begeleidt de bezoeker naar het voetgangersgebied van Rappongi  Hills.<\/p>\n<p>Dat schrijft kunsthistoricus drs. Dave van Eijnsbergen in  zijn proefschrift &#8216;Multifunctionele gebouwencomplexen in Tokyo&#8217;. Hij  geeft daarmee een heel ander beeld van de Japanse architectuur dan  architectuurcriticus Max van Rooy die de stedenbouw in Tokyo tijdens een  lezing in Delft &#8216;lachwekkend&#8217; noemde. Anderen gebruiken woorden als  oncontroleerbaar, onbegrijpelijk, chaotisch en lelijk. Van Eijnsbergen  bezocht Japan vanuit Tapei, waar hij rond 1987 werkte. De wanorde vond  hij vergeleken met Taiwan nogal meevallen. De onregelmatige opeenvolging  van facades en ook de bovengrondse elektriciteit- en telefoonleidingen  doet westerlingen nogal rommelig aan, maar het werkt allemaal wel.  Behoudende critici vergelijkt Van Eijnsbergen met expats die geen rijst  lusten en aardappels laten invliegen.<\/p>\n<p>Vooral de recentere  multi-use complexen zijn eilanden van luxe. Voor een appartement van 46  vierkante meter betaal je 3.000 tot 4.000 euro huur per maand, exclusief  servicekosten. In het geval van Rappongi Hills is er een aansluiting  met een hotel, zodat je geen ontbijt hoeft klaar te maken. En terwijl je  naar je werk bent, maakt een werkster je bed op. Veel woningen hebben  trouwens geen keuken meer. Men maakt lange dagen op kantoor en gaat  daarna veelal uit eten. Openbare kunst en musea, exclusieve winkels,  graniet en marmer, en een fraai ontworpen Japanse tuin met stenen, water  en groen vervolmaken de belevenis van een leven in luxe. Bovendien zul  je er geen zwervers aantreffen, want &#8216;dat mag niet&#8217;, zegt Van  Eijnsbergen.<\/p>\n<p>De multifunctionele complexen -Van Eijnsbergen  bespreekt er acht in zijn boek &#8211; zijn private initiatieven. De  projectontwikkelaar zoekt een plek in de stad langs een spoor- of  metrolijn waar een industrieel complex is ontmanteld of een  rangeerterrein buiten gebruik is geraakt. Samen met het spoorbedrijf en  de gemeente wordt een plan opgezet. De gemeente stelt de  randvoorwaarden, zoals de maximale bouwhoogte, de minimale grootte van  de tuin en het aantal woningen. Overigens is hoger bouwen vaak  toegestaan, mits ook de tuin groter wordt. De drijvende kracht achter  dit alles is de verhuur van kantoorruimte. Tokyo herbergt de meeste  hoofdkantoren van multinationals ter wereld, New York komt op de tweede  plaats. Die bedrijven zijn bereid flink te betalen voor een plek &#8211; de  ministeries zitten verder buiten het centrum &#8211; maar het moet dan wel een  passende uitstraling hebben.<\/p>\n<p>Ons eigen multifunctionele centrum  Hoog Catharijne steekt er wat provinciaals en sleets bij af. De fontein  in de hal is verdwenen, de plafonds zijn te laag, het complex doet  benauwd aan en de betere winkels hebben de wijk genomen. Moeten we nu  een Japanner inhuren? Volgens de promovendus niet, want ieder land moet  zijn eigen identiteit ontwikkelen. Maar meer aandacht voor de overgang  binnen naar buiten, aansluiting op openbaar groen en het gebruik van  solide materialen is aan te bevelen. Evenals het gebruik van daglicht.  Van Eijnsbergen herinnert zich dat bij V&amp;D een keer het licht  uitviel. De helft van het publiek raakte in paniek en begon te gillen.  De andere helft begon op de tast de tassen vol te laden.<\/p>\n<p><a href=\"javascript:void(null);\" target=\"verweg\">www.asuka-tours.nl<\/a><\/p>\n<p>(Foto:  Dave van Eijnsbergen)<\/p>\n<p>++<\/p>\n<p><a href=\"http:\/\/www.delta.tudelft.nl\/nl\/archief\/artikel\/japans-wonen-werken-en-winkelen\/17556\" target=\"_blank\">Zie ook website TU<\/a><\/p>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>Delta 3, 17 jan 2008, lifestyle over proefschrift Dave van Eijnsbergen Japans wonen, werken en winkelen Met 35 miljoen inwoners in een gebied ter grootte van een derde van Nederland is Tokyo met recht een compacte stad te noemen. Gebouwen die wonen, werken en winkelen combineren zijn een typisch Japanse oplossing voor het moderne stedelijk [&hellip;]<\/p>\n","protected":false},"author":1,"featured_media":0,"comment_status":"open","ping_status":"open","sticky":false,"template":"","format":"standard","meta":{"footnotes":""},"categories":[24],"tags":[],"class_list":["post-745","post","type-post","status-publish","format-standard","hentry","category-delta"],"_links":{"self":[{"href":"https:\/\/www.joswassink.nl\/inzicht\/index.php?rest_route=\/wp\/v2\/posts\/745","targetHints":{"allow":["GET"]}}],"collection":[{"href":"https:\/\/www.joswassink.nl\/inzicht\/index.php?rest_route=\/wp\/v2\/posts"}],"about":[{"href":"https:\/\/www.joswassink.nl\/inzicht\/index.php?rest_route=\/wp\/v2\/types\/post"}],"author":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.joswassink.nl\/inzicht\/index.php?rest_route=\/wp\/v2\/users\/1"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.joswassink.nl\/inzicht\/index.php?rest_route=%2Fwp%2Fv2%2Fcomments&post=745"}],"version-history":[{"count":1,"href":"https:\/\/www.joswassink.nl\/inzicht\/index.php?rest_route=\/wp\/v2\/posts\/745\/revisions"}],"predecessor-version":[{"id":746,"href":"https:\/\/www.joswassink.nl\/inzicht\/index.php?rest_route=\/wp\/v2\/posts\/745\/revisions\/746"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/www.joswassink.nl\/inzicht\/index.php?rest_route=%2Fwp%2Fv2%2Fmedia&parent=745"}],"wp:term":[{"taxonomy":"category","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.joswassink.nl\/inzicht\/index.php?rest_route=%2Fwp%2Fv2%2Fcategories&post=745"},{"taxonomy":"post_tag","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.joswassink.nl\/inzicht\/index.php?rest_route=%2Fwp%2Fv2%2Ftags&post=745"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}