{"id":736,"date":"2007-12-20T10:00:56","date_gmt":"2007-12-20T10:00:56","guid":{"rendered":"http:\/\/www.joswassink.nl\/inzicht\/?p=736"},"modified":"2010-07-05T10:05:25","modified_gmt":"2010-07-05T10:05:25","slug":"businessclass-in-een-racewagen","status":"publish","type":"post","link":"https:\/\/www.joswassink.nl\/inzicht\/?p=736","title":{"rendered":"Businessclass in een racewagen"},"content":{"rendered":"<p><em>Delta 39, 20 dec 2007, reportage<\/em><\/p>\n<h3><em> <\/em><strong>Businessclass  in een racewagen<\/strong><\/h3>\n<p>&#8220;Dames en heren, het verkeer op de A13  staat vast vanwege een ongeluk. Ik stel voor dat we nog tien minuten  wachten met de presentatie.&#8221; Voor de presentatie van een nieuw openbaar  vervoersconcept kon prof. dr. Wubbo Ockels zich geen beter begin wensen.<!--more--> Hier wordt namelijk hard gewerkt aan een nieuwe uitweg voor het  groeiende mobiliteitsprobleem. Het is geen auto, geen bus, geen  vrachtwagen. Het is zelfs geen superstretched limo. Het is de vijftien  meter lange Superbus, die van deur tot deur rijdt, en daar tussenin een  snelheid van 250 kilometer per uur moet bereiken. Vandaag heeft de  delivery status review plaats, de derde en een-na-laatste halfjaarlijkse  presentatie van de tussenstand. Over een half jaar volgen de  testritten, en dan door naar Peking voor de Olympische Spelen.<em> <\/em><\/p>\n<p>Eerlijk gezegd is dat moeilijk voor te stellen als je door het gebouw  aan de Rotterdamseweg loopt. In de hal aan de achterzijde van het gebouw  ligt &#8211; in onderdelen nog &#8211; de bodem van de Superbus. Ir. Rob de Bie  heeft er de leiding over de productie. Op de vloer liggen zes U-vormige  balken van 9,5 meter lang, met daar tussenin op regelmatige afstand  dwarsverbindingen of <em>shear links<\/em>. Alles is van koolstofvezel  gemaakt; een keiharde, extreem stijve en oersterke composiet. Het  favoriete materiaal voor racewagens en zeiljachten. Volgens De Bie is  het met dezelfde afmetingen sterker dan staal, maar vijf keer lichter.  De chassisbalken wegen slechts 35 kilo per stuk. Straks zal het chassis  met boutjes en moertjes in elkaar geschroefd worden, maar de echte  verbinding wordt van lijm.<\/p>\n<p>Even verderop in de hal staat een  negen meter lange mal met de zijkant van de Superbus en de  vleugeldeuren. Medewerkster Susan Luiten vertelt hoe hiermee de  carrosserie wordt gebouwd. De mal wordt eerst voorzien van een  &#8216;release&#8217;-laagje zodat het product gemakkelijk loslaat. Dan volgt een  opbouw van tussen de tien en dertig lagen koolstofdoek, een doorlatend  gaas en een folie. Eenmaal afgedicht wordt de mal aan de onderkant  vacu\u00fam getrokken en van de andere kant stroomt de hars er doorheen. Het  is een arbeidsintensief proces dat bovendien lang duurt omdat de  kunsthars moet uitharden. Geen wonder dus dat koolstofvezel alleen in de  meest exclusieve automerken toegepast wordt, in de duurste Ferrari  bijvoorbeeld. Voor de reguliere industrie is het materiaal te langzaam  in de verwerking.<\/p>\n<p>De grote mal is voor Ockels een teken van hoop.  &#8220;Ik weet nog hoe lastig het was om een ontwerp te maken voor een  zijkant van negen meter met acht deuren erin, die toch voldoende stijf  zou zijn. Dat is nu gelukt met overal kruisverbindingen om de gewenste  stijfheid te realiseren. Het maken zelf is niet het grote werk.&#8221;<\/p>\n<p>Ockels  kan zich voorstellen dat het voor niet-ingewijden moeilijk is zich voor  te stellen dat hier over een half jaar een protoype Superbus uit de  garage zal rollen. Toch heeft hij daar het volste vertrouwen in. &#8220;De  motoren, het stuursysteem, de batterijen, de ramen, alles ligt er, of  wordt binnenkort geleverd. Dan is het alleen nog een kwestie van in  elkaar zetten. Het is moeilijk je een voorstelling te maken van het  enorme tempo hier. In twee jaar van schets naar prototype, dat doet  niemand ons na.&#8221; Op de constatering dat het project om die reden  misschien ook voor de nodige scepsis zorgt, antwoordt Ockels: &#8220;Wat veel  mensen niet weten is dat ik veel ervaring heb met het runnen van  projecten. Ik heb vroeger in zes maanden tijd een satelliet in elkaar  gebouwd. Of wat dacht u van de Nuna? Geef mij een klein team met  intelligente mensen en een gezamenlijke focus. Laat mij maar voor de  ruimte en het geld zorgen. En je zult zien: dit gaat geweldig.&#8221;<br \/>\n<strong>Snelheid  en luxe<\/strong><\/p>\n<p>Waar het chassis gebouwd wordt, staat een  houtje-touwtje opstelling op ware grootte van de Superbus. Aan elkaar  geschroefde latjes vormen samen een model van de carrosserie. Hier en  daar is het frame met karton, triplex of plastic afgedicht. Voorin staat  een stoel achter de ruime stuurconsole met daarachter een rij van drie  stoelen. De Superbus is vanwege de stroomlijn laag, te laag om doorheen  te lopen. Daarom is er ook geen gangpad. Passagiers stappen in en uit  door een van de acht deuren aan linker en rechter zijkant. Alleen de  middelste passagier zal even voor iemand langs moeten. Industrieel  ontwerper ir. Jochem van Deelen heeft de leiding over het interieur  ontwerpteam. Hij legt uit dat het interieur op de computer ontworpen is,  maar dat het ook als <em>mock-up<\/em> gebouwd wordt om de ruimte beter  te kunnen beleven.<\/p>\n<p>Zo is het belangrijk dat het lage dak geen  opgesloten gevoel geeft. Grote blauwgetinte ramen in de geknikte,  openklappende vleugeldeuren moeten dat met zicht op het zwerk voorkomen.  De belevenis van snelheid en luxe vormt het uitgangspunt voor het  interieurteam. De stoelen zijn gemaakt als racekuipjes, zo licht. Maar  de breedte moet het royale gevoel geven. Elke zitplaats krijgt zijn  eigen ventilatiesysteem, verlichting en multimediasysteem. Lichte leren  bekleding op de stoelen moet de luxe en de lichtheid accentueren. Nu  zijn het nog een stel ge\u00efmproviseerde stoelen naast elkaar op een  meubelplaten vloer onder een stel latjes. Maar als Van Deelen zijn ogen  dicht doet, ziet hij het interieur al voor zich: &#8220;Het zal de  sportiviteit behouden, het blijft toch een raceauto. Je zult het kale  koolstofframe zien zitten en ook de hele constructie. Maar daarbinnen  zit je in een luxe fauteuil met je eigen klimaatregeling. Inderdaad,  businessclas in een racewagen.&#8221;<br \/>\n<strong>Krap schema<\/strong><\/p>\n<p>Hoofdontwerpster  dr. Antonia Terzi geeft een overzicht van de stand van zaken. &#8220;We  hebben nog zeven maanden tot aan Peking, en er is nog veel te doen. Er  ligt nog wat ontwerpwerk open, het voertuig moet nog gebouwd worden en  dan volgen de tests.&#8221; Haar grootste vrees is dat er geen tijd zal zijn  om tests uit te voeren voordat de Superbus naar Peking verscheept wordt.  Het schema is krap en laat geen <em>major hickups<\/em> toe of andere  verassingen.<\/p>\n<p>Het ontwerp van het middendeel is definitief, maar  neus en achterzijde moeten nog bijgesteld worden. De huidige neus zou  bij topsnelheid te zwaar op de weg drukken. Chassis en glaswerk is in  uitvoering; elektromotoren zijn besteld en gedeeltelijk geleverd. De  elektromotoren worden direct met een as aan \u00e9\u00e9n van de vier achterwielen  gekoppeld; hierdoor blijft de geveerde massa op het wiel laag.  Batterijen (lithium-ion) zijn besteld. En de software voor de verwerking  van de input van maar liefst 750 sensoren aan boord van de Superbus is <em>under  construction<\/em>. De boordprogrammatuur krijgt de invoer te verwerken  van de veiligheidsgordeldetectie (voor alle 25 stoelen) tot de radar  voor obstakeldetectie.<\/p>\n<p>Het ontwerp van de wielophanging ten  slotte, is ook definitief, maar wel een stuk eenvoudiger dan  oorspronkelijk gepland. Het was de bedoeling om een proactieve vering te  realiseren; een systeem dat vooruitkeek en het wiel omhoog zou trekken  als er een bobbel in het wegdek opdoemde. Anderhalf jaar geleden was  prof. dr. ing Ingo Hansen (leerstoel ontwerp vervoers- en  verkeersvoorzieningen, afdeling transport en planning, faculteit CiTG)  daar erg kritisch over. Met gevoel voor understatement noemde hij het  intelligente veersysteem &#8216;een heel grote uitdaging&#8217;. Ockels zegt nu: &#8220;We  hadden er geen rekening mee gehouden dat wanneer je het wiel omhoog  trekt, er door de reactie iets anders naar beneden gaat, waardoor het  effect teniet gedaan wordt.&#8221;<\/p>\n<p>Volgens de aankondiging van de  Delivery Status Review zou in de presentatie vastgesteld moeten worden  hoe het project ervoor staat qua hardware, software, kwaliteit, budget  en planning. Maar aan die beoordeling komen geen buitenstaanders te pas.  Dat lijkt een beetje op de slager die zijn eigen vlees keurt. Ockels  daarover: &#8220;We hebben twee eerdere presentaties gehouden. Toen konden  collega&#8217;s reageren op het ontwerp. Dat staat nu vast. Nu laten we alleen  zien hoe ver we zijn.&#8221;<br \/>\n<strong>Spartaanse racezeiler<\/strong><\/p>\n<p>Gevraagd  naar knelpunten, denkt Ockels niet aan technische obstakels, maar aan  bedrijfskundige. &#8220;De relatie tussen de universiteit en de markt wordt  een probleem,&#8221; constateert Ockels. Aan de universiteit wordt een nieuw  OV-concept ontwikkeld, maar wat nu als de markt daar belangstelling voor  krijgt? &#8220;Ik wil een instituut in stand houden dat het concept van de  Superbus verder uitontwikkelt. Als er buiten de TU geld verdiend wordt  aan de Superbus, dan wil ik dat het onderzoek daarvan profiteert. Maar  dat kan niet via de universiteit. Ik zou liever, net als in Amerika  gebeurt, een bedrijfje beginnen omdat je dan veel sneller beslissingen  kunt nemen. Ook kan ik dan speciale mensen aannemen voor de marketing en  merchandising. Een universiteit heeft daar geen ervaring mee, en ook  geen mensen voor.&#8221;<\/p>\n<p>Momenteel wordt het Superbusprogramma  ondersteund door hoofdsponsoren TU Delft, ministerie van Verkeer en  Waterstaat en busbedrijf Connexion. Het budget van ruim 70 miljoen euro  zal naar verwachting tot 2010 voldoen.<\/p>\n<p>In maart 2008 begint de  assemblage, de bouw van de Superbus. Later dat voorjaar zal de  rijksdienst voor het wegverkeer het voertuig een speciale toelating voor  de openbare weg moeten verschaffen op basis van rijtests. In juli moet  de Superbus verscheept worden naar Peking om daar uiterlijk 4 augustus  te kunnen rijden tijdens de Olympische Spelen. Het zal waarschijnlijk  nog niet de Superbus zijn zoals die ooit bedoeld is. Het interieur doet  waarschijnlijk meer denken aan een Spartaanse racezeiler dan aan de  businessclass. Softwarefouten mogen niet uitgesloten worden en de  snelheid komt in Peking zeker niet boven de 100 kilometer per uur.  Ockels: &#8220;Dit is het eerste testplatform dat voldoet aan de eisen. Daarna  gaan we banden, wielen en a\u00ebrodynamica verder verbeteren. In Peking  kunnen de marktpartijen zich melden.&#8221; E\u00e9n ding is zeker: de Superbus  rijdt in Peking niet ongemerkt voorbij.<\/p>\n<p>++<\/p>\n<p><a href=\"http:\/\/www.delta.tudelft.nl\/nl\/archief\/artikel\/businessclas-in-een-racewagen\/17477\" target=\"_blank\">Zie ook website TU<\/a><\/p>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>Delta 39, 20 dec 2007, reportage Businessclass in een racewagen &#8220;Dames en heren, het verkeer op de A13 staat vast vanwege een ongeluk. Ik stel voor dat we nog tien minuten wachten met de presentatie.&#8221; Voor de presentatie van een nieuw openbaar vervoersconcept kon prof. dr. Wubbo Ockels zich geen beter begin wensen.<\/p>\n","protected":false},"author":1,"featured_media":0,"comment_status":"open","ping_status":"open","sticky":false,"template":"","format":"standard","meta":{"footnotes":""},"categories":[24],"tags":[],"class_list":["post-736","post","type-post","status-publish","format-standard","hentry","category-delta"],"_links":{"self":[{"href":"https:\/\/www.joswassink.nl\/inzicht\/index.php?rest_route=\/wp\/v2\/posts\/736","targetHints":{"allow":["GET"]}}],"collection":[{"href":"https:\/\/www.joswassink.nl\/inzicht\/index.php?rest_route=\/wp\/v2\/posts"}],"about":[{"href":"https:\/\/www.joswassink.nl\/inzicht\/index.php?rest_route=\/wp\/v2\/types\/post"}],"author":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.joswassink.nl\/inzicht\/index.php?rest_route=\/wp\/v2\/users\/1"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.joswassink.nl\/inzicht\/index.php?rest_route=%2Fwp%2Fv2%2Fcomments&post=736"}],"version-history":[{"count":1,"href":"https:\/\/www.joswassink.nl\/inzicht\/index.php?rest_route=\/wp\/v2\/posts\/736\/revisions"}],"predecessor-version":[{"id":737,"href":"https:\/\/www.joswassink.nl\/inzicht\/index.php?rest_route=\/wp\/v2\/posts\/736\/revisions\/737"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/www.joswassink.nl\/inzicht\/index.php?rest_route=%2Fwp%2Fv2%2Fmedia&parent=736"}],"wp:term":[{"taxonomy":"category","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.joswassink.nl\/inzicht\/index.php?rest_route=%2Fwp%2Fv2%2Fcategories&post=736"},{"taxonomy":"post_tag","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.joswassink.nl\/inzicht\/index.php?rest_route=%2Fwp%2Fv2%2Ftags&post=736"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}