{"id":412,"date":"1998-02-03T13:35:54","date_gmt":"1998-02-03T13:35:54","guid":{"rendered":"http:\/\/www.joswassink.nl\/inzicht\/?p=412"},"modified":"2010-07-03T10:30:01","modified_gmt":"2010-07-03T10:30:01","slug":"een-kwestie-van-timing","status":"publish","type":"post","link":"https:\/\/www.joswassink.nl\/inzicht\/?p=412","title":{"rendered":"EEN KWESTIE VAN TIMING"},"content":{"rendered":"<p>ARTIKEL Haagsche Courant 03-02-1998<br \/>\nEEN KWESTIE VAN TIMING<\/p>\n<p>Vorig voorjaar beleefden twee Amerikaanse onderzoekers in New Orleans  een primeur toen ze een erfelijke ziekte in muizen genazen met  gentherapie. Het was de eerste succesvolle toepassing van gentherapie  ooit. Opmerkelijk daarbij was dat ze de muizen voor de geboorte hadden  behandeld door een virus met het erfelijk materiaal in het vruchtwater  te injecteren. Hun succesvolle experiment was direct omstreden toen ze  de conclusie trokken dat moeizame pogingen om gentherapie\ufffdn te  ontwikkelen voor erfelijke ziekten gedoemd zijn te mislukken.<\/p>\n<p>NIET ZO SIMPEL<\/p>\n<p>Het idee achter gentherapie is simpel en elegant. Zo\ufffdn twintig jaar  geleden werd duidelijk dat erfelijke ziekten vaak te herleiden zijn tot  een bepaald stukje DNA (een gen) dat niet goed functioneert. De volgende  stap was snel bedacht: wanneer je er in zou slagen om het foutieve DNA  te vervangen door een correcte versie, zou de ziekte genezen zijn. Door  gentherapie.<br \/>\nDe eerste ziekte die men zo hoopte te behandelen is taaislijmziekte. Het  is de meest voorkomende erfelijke afwijking binnen het Europese ras en  wordt ook wel cystische fibrose of kortweg cf genoemd. Het is een ziekte  waarbij er teveel en te taai slijm geproduceerd wordt, met name in de  longen. De pati\ufffdnten zijn daardoor zeer vatbaar voor longinfecties. Op  den duur overlijden cf-pati\ufffdnten op jong volwassen leeftijd aan de  gevolgen van de longinfecties.<br \/>\nHet grootste probleem van gentherapie is: hoe krijg je een werkend gen  in een celkern? Dat wordt op twee verschillende manieren geprobeerd.  Amerikaanse onderzoeksgroepen werken vooral met virussen waarvan ze het  ziekmakende materiaal vervangen hebben door het gen dat ze willen  inbrengen. Engelse teams werken veelal met oplosmiddelen (liposomen) die  moeten helpen om het DNA door de celwand naar binnen te loodsen.<br \/>\nMaar ondanks de grote inspanningen en forse onderzoeksbudgetten is er  nog nooit iemand in geslaagd om met gentherapie een erfelijke ziekte te  genezen. Of welke ziekte dan ook. Telkens weer blijkt een te klein deel  van het toegediende DNA\ufffdin de cellen terecht te komen en als het er al  inzit, dan wordt het weer niet actief. Wat begon als een eenvoudig en  elegant idee is vastgelopen in het mulle zand van praktische problemen  en onbekende processen binnenin de cel.<\/p>\n<p>SPOORLOOS<\/p>\n<p>Maar vorig voorjaar kwam er een fris geluid vanuit New Orleans. Twee  wetenschappers, Dr Janet Larson en Prof J. Craig Cohen, lieten weten dat  ze taaislijmziekte bij muizen genezen hadden door middel van -jawel-  gentherapie. Wat nog niemand ooit gelukt was, lukte hen met een  ogenschijnlijk gemak. Ze hadden simpelweg een virus met het cf-gen  ge\ufffdnjecteerd in het vruchtwater bij muizen-embryo\ufffds. Larson wist als  arts met specialisatie vroeggeborenen dat embryo\ufffds het vruchtwater niet  alleen drinken, maar het ook inademen. Ze redeneerde dat door een  injectie in het vruchtwater het virus de darm- en longcellen zou kunnen  bereiken.<br \/>\nNormaal worden muizen met cf ongeveer 30 dagen oud. Dus toen de  behandelde dieren eenmaal geboren waren, begon een spannende tijd van  wachten.<br \/>\nInmiddels zijn de behandeld dieren al 16 maanden oud. Een absoluut  record voor cf-muizen. Cohen: \ufffdIk weet dat het een groot woord is, omdat  het nooit eerder gelukt is, maar we hebben deze dieren GENEZEN.\ufffd<br \/>\nMaar toen Cohen en Larson in weefsels van de genezen dieren op zoek  gingen naar het bewuste gen, vonden ze niets. Het gen, dat met een virus  aan long- en darmcellen was toegevoegd, was spoorloos verdwenen. In  feite was het DNA van de behandelde dieren precies gelijk aan dat van  onbehandelde cf-muizen. Alleen &#8230; die stierven na dertig dagen en de  behandelde muizen leken nergens last van te hebben. Nou ja, ze zijn iets  kleiner en magerder dan hun gezonde nestgenootjes.<br \/>\nCohen en Larson trokken de conclusie dat het cf-gen blijkbaar geen rol  speelt in het dagelijks functioneren van het slijmvlies, maar wel in de  correcte aanleg ervan. Larson: \ufffdAls het gen eenmaal z\ufffdn werk heeft  gedaan, geeft dat een blijvende verandering. Het gen zelf is daarna niet  meer nodig.\ufffd<br \/>\nDat het cf-gen een rol speelt bij de aanleg van weefsels en organen  klinkt Prof. Johan de Jongste (Sophia Kinderziekenhuis Rotterdam) bekend  in de oren. De Jongste: \ufffdWe weten dat dat gebeurt bij de aanleg van de  zaadleiders.\ufffd Manlijke cf-pati\ufffdnten zijn veelal steriel omdat bij hen de  buisjes voor het spermatransport niet (goed) zijn aangelegd. \ufffdDus ik  zou me kunnen voorstellen dat er in de longen soortgelijke processen  spelen.\ufffd<\/p>\n<p>TE LAAT<\/p>\n<p>\ufffdTiming is the most critical thing in gene therapy\ufffd stelt Larson. Ze  paste gentherapie toe op muizen in opeenvolgende stadia van embryonale  ontwikkeling en vond dat de therapie alleen in een bepaalde  ontwikkelingsfase aansloeg.<br \/>\nZe toont een microscoop-opnamen van longweefsel in opeenvolgende  ontwikkelingsstadia. De eerste foto\ufffds tonen een tamelijk open  kanalenstelsel. \ufffdOp dit moment kan het vruchtwater met het virus nog  overal goed bijkomen\ufffd vertelt Larson. \ufffdEn toevallig is dit ook de fase  waarin het slijmvlies wordt aangelegd.\ufffd Op latere foto\ufffds wordt het  labyrinth complexer en vertakter. Maar dan is het voor gentherapie te  laat, zo stellen de Amerikanen.<br \/>\nDat je gentherapie zo vroeg mogelijk zou toe moeten passen, daar is  iedereen het wel over eens. Prof. De Jongste: \ufffdDoor de erfelijke  afwijking ontstaan er infecties die schade veroorzaken in de longen. Bij  behandeling van de ziekte is het van groot belang om die zogenaamde  secundaire schade zoveel mogelijk te voorkomen.\ufffd<br \/>\nMaar Cohen en Larson stellen het scherper: wanneer je de kritieke fase  in de ontwikkeling mist, werkt gentherapie niet. Bij de muizen moet de  injectie bijvoorbeeld 3 dagen voor de geboorte plaatsvinden. Latere  injecties blijken niet aan te slaan.<br \/>\nCohen veronderstelt dat op het kritieke tijdstip de zogenaamde  stamcellen aangemaakt worden voor het slijmvlies. Uit deze stamcellen  ontstaan later de slijmvliescellen die het slijm produceren. Cohen:\ufffd\ufffdAls  er eenmaal goede stamcellen zijn, ook al zijn het er minder dan  normaal, dan kan het dier gewoon overleven.\ufffd<br \/>\nMaar wat betekent dat voor gentherapie na de geboorte? Cohen:\ufffd\ufffdVoor  gentherapie voor taaislijmziekte betekent dat, dat het niet zal werken.\ufffd  De stamcellen zijn verkeerd aangelegd, ze produceren defecte  slijmvliescellen en geen gen zal daar meer wat aan kunnen veranderen.  Dat is dan een gepasseerd station.<br \/>\nCohen denkt dat cf-pati\ufffdnten hun heil moeten verwachten van  geneesmiddelen. Hij vermoedt dat bestudering van de processen binnen  slijmproducerende cellen aanknopingspunten op kan leveren voor de  ontwikkeling van geneesmiddelen. Maar niemand doet daar onderzoek naar.  Cohen:\ufffd\ufffdIedereen is erop gefixeerd om dat gen te vervangen.\ufffd<br \/>\nHet werk van Larson en Cohen is binnen de kringen van cf-deskundigen fel  omstreden. Men heeft kritiek op de methoden van onderzoek, men vindt de  conclusies overhaast en de publicatie te mager. Larson en Cohen aan de  andere kant beklagen zich erover dat ze hun verhaal niet kwijt kunnen  omdat andere deskundigen hun artikelen tegenhouden.<br \/>\nTegendraadse wetenschappers als Cohen en Larson hebben negen van de tien  keer ongelijk, maar tegelijk zijn alle grote stappen in de wetenschap  te danken aan dit soort dwarsliggers. Als Cohen en Larson gelijk hebben  is gentherapie voor pati\ufffdnten met erfelijke ziekten een doodlopende weg.  Men zal dan moeten nadenken over een preventieve behandeling voor de  geboorte. En voor de behandeling van bestaande cf-pati\ufffdnten zal men  twintig jaar terug moeten in het onderzoek. Naar de tijd v\ufffd\ufffdr het fraaie  idee van gentherapie.<\/p>\n<p>copyright \ufffd Het Inzicht \/ Jos Wassink, 1998<\/p>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>ARTIKEL Haagsche Courant 03-02-1998 EEN KWESTIE VAN TIMING Vorig voorjaar beleefden twee Amerikaanse onderzoekers in New Orleans een primeur toen ze een erfelijke ziekte in muizen genazen met gentherapie. Het was de eerste succesvolle toepassing van gentherapie ooit. Opmerkelijk daarbij was dat ze de muizen voor de geboorte hadden behandeld door een virus met het [&hellip;]<\/p>\n","protected":false},"author":1,"featured_media":0,"comment_status":"open","ping_status":"open","sticky":false,"template":"","format":"standard","meta":{"footnotes":""},"categories":[9],"tags":[],"class_list":["post-412","post","type-post","status-publish","format-standard","hentry","category-haagsche-post"],"_links":{"self":[{"href":"https:\/\/www.joswassink.nl\/inzicht\/index.php?rest_route=\/wp\/v2\/posts\/412","targetHints":{"allow":["GET"]}}],"collection":[{"href":"https:\/\/www.joswassink.nl\/inzicht\/index.php?rest_route=\/wp\/v2\/posts"}],"about":[{"href":"https:\/\/www.joswassink.nl\/inzicht\/index.php?rest_route=\/wp\/v2\/types\/post"}],"author":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.joswassink.nl\/inzicht\/index.php?rest_route=\/wp\/v2\/users\/1"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.joswassink.nl\/inzicht\/index.php?rest_route=%2Fwp%2Fv2%2Fcomments&post=412"}],"version-history":[{"count":3,"href":"https:\/\/www.joswassink.nl\/inzicht\/index.php?rest_route=\/wp\/v2\/posts\/412\/revisions"}],"predecessor-version":[{"id":448,"href":"https:\/\/www.joswassink.nl\/inzicht\/index.php?rest_route=\/wp\/v2\/posts\/412\/revisions\/448"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/www.joswassink.nl\/inzicht\/index.php?rest_route=%2Fwp%2Fv2%2Fmedia&parent=412"}],"wp:term":[{"taxonomy":"category","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.joswassink.nl\/inzicht\/index.php?rest_route=%2Fwp%2Fv2%2Fcategories&post=412"},{"taxonomy":"post_tag","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.joswassink.nl\/inzicht\/index.php?rest_route=%2Fwp%2Fv2%2Ftags&post=412"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}