{"id":1263,"date":"2010-09-02T09:29:35","date_gmt":"2010-09-02T09:29:35","guid":{"rendered":"http:\/\/www.joswassink.nl\/inzicht\/?p=1263"},"modified":"2010-09-03T09:33:46","modified_gmt":"2010-09-03T09:33:46","slug":"vrolijk-visitekaartje","status":"publish","type":"post","link":"https:\/\/www.joswassink.nl\/inzicht\/?p=1263","title":{"rendered":"Vrolijk visitekaartje"},"content":{"rendered":"<p><strong>Drie dagen voor de opening wordt er nog volop gewerkt in het Science  Centre Delft. Vanaf donderdag 2 september is het visitekaartje van de TU  geopend voor het publiek.<\/strong><\/p>\n<p>Voor de ingang aan de Mijnbouwstraat sjouwen twee mannen een  sponsorbord de stenen trap op. In een nog duistere winkelruimte krijgen  twee dames instructie over de bediening van de kassa. En ook in de  lange, lichte tentoonstellingsruimte, waar zonnewagen Nuna,  minionderzee\u00ebr Wasub en de Forze waterstofkart de blikvangers zijn,  wordt nog volop gewerkt. \u201cWaar moet dit heen?\u201d klinkt het. En: \u201cDe  schilder kan pas over anderhalf uur verder, want ze hebben net de vloer  in de was gezet.\u201d Drs. Michael van der Meer, hoofd van het Science  Centre, is in overleg bij de nog erg lege ruimtevaartopstelling. Hij  laat zich door zulke kleine tegenslagen niet van de wijs brengen. \u201cZou  het nou erg veel helpen\u201d, vraagt hij in Amsterdamse tongval, \u201cals ik  hier als een gestreste kip zou rondlopen? Nou dan.\u201d<!--more--><\/p>\n<p>Het Science  Centre is de opvolger van het vroegere Techniekmuseum. Het beoogt  volgens het persbericht een kijkje te bieden in de keuken van de TU en  een ontmoetingsplek te zijn voor bezoekers, studenten en onderzoekers.  Met een budget van zo&#8217;n anderhalf miljoen euro, waarvan twee ton uit  entree en sponsorgelden moet komen en een kleine zeven medewerkers,  heeft het<br \/>\nScience Centre een taakstelling van veertigduizend  bezoekers per jaar, ongeveer tweemaal meer dan het Techniekmuseum  destijds haalde.<\/p>\n<p><strong>Rondleiding<\/strong><br \/>\nVan der Meer  geeft een rondleiding in vogelvlucht. \u201cWe hebben gekozen voor een  industrieel uiterlijk\u201d, zegt hij. Kabels lopen zichtbaar door open  goten, grijze kratjes vormen de vitrines in de winkel en de balie  bestaat uit een zwarte plastic bekisting met rode verbindingen. In de  grote lichte tentoonstellingsruimte biedt de opstelling Amazing  Technology een &#8216;hapsnap&#8217; greep uit de TU. \u201cEr is geen verband tussen\u201d,  aldus Van der Meer. Wel zijn er opvallend veel eindproducten van  studentenprojecten en veel interactieve opstellingen. De bezoeker kan  zelf spetteren met de bijlboeg, ballen vangen in een kooi of de airocam  camera via een buizenpostsysteem door de hele tentoonstelling sturen.  Een speciaal ontwikkelde vluchtsimulator mag nog niet gebruikt worden  omdat het liftinstituut daar toestemming voor moet geven. Dat kan zomaar  drie maanden duren.<\/p>\n<p>Aan het eind van de lange zaal bevindt zich  een filmruimte waar de bezoeker in een acht minuten durende  videopresentatie kennis maakt met een aantal opgeruimde onderzoekers.  Onder wie milieutechnologe dr.ir. Merle de Kreuk (Technische  Natuurwetenschappen), biomechanicus dr.ir. David Abbink van de faculteit  Werktuigbouwkunde, Maritieme Techniek en Materiaalwetenschappen (3mE),  robotonderzoeker dr.ir. Martijn Wisse (3mE) en dr.ir. Lex Keuning die de  bijlboeg ontwikkelde. Het geheel straalt een soort sprankelende  vrolijkheid uit.<br \/>\nVerder naar een aantal speciale studio&#8217;s waarvan de  thema&#8217;s met keurige rode bordjes zijn aangegeven: Robotica, Sportstudio,  Biotechnologie, 3D-wereld, Workshop-1, Bouwlab en de (Serious) Game  studio. In de sportstudio zijn allerlei voorwerpen verzameld die TU&#8217;ers  voor sporters hebben ontworpen en gemaakt. Daaronder bevinden zich  speciale snowboards, een verbeterde ergometer (roeiapparaat), een skiff  en een ultralicht fietsframe van koolstofvezel.<\/p>\n<p>Even verder kan de  bezoeker, al dan niet onder begeleiding, zelf proefjes doen in het  biotechnologielab. Daarvoor hebben onderzoekers van het Kluyverlab  experimenten ontwikkeld. In de 3D-studio kunnen zowel onderzoekers,  studenten als bezoekers hun op usb-stick meegebrachte 3D-ontwerp  vertonen en manipuleren. Ook eiwitstructuren worden ermee onderzocht en  wolkenformaties. In het Fablab mogen studenten en scholieren van de  3D-printer en de foamsnijder gebruikmaken om hun prototypes te maken.<\/p>\n<p><strong>Eerlijk  zijn<\/strong><br \/>\nZelf doen, kennismaken met studenten en onderzoekers,  getuige zijn van lopend onderzoek \u2013 het zijn terugkerende thema&#8217;s in het  verhaal van Van der Meer. Het Science Centre is meer een  ontmoetingsplek dan een museum.<br \/>\nToch is niet alles gelukt. Op de  binnenplaats zou een watercentrum verrijzen waar jong en oud met zand en  water zou kunnen spelen om daar te beginselen van de waterbouw te  ervaren. \u201cDie plannen waren te ambitieus\u201d, zegt Van der Meer nu. \u201cEr  waren geen sponsoren voor te vinden, zodat we nu bezig zijn de plannen  te downscalen.\u201d Dat houdt ondermeer in dat de geplande overkapping van  de binnenplaats is geschrapt.<\/p>\n<p>Een ander gevolg van het krappe  budget is dat de meeste opstellingen door studenten zijn verzorgd, en  niet door professionele tentoonstellingsbouwers. Dat heeft als risico  dat opstellingen defect of buiten bedrijf raken. \u201cWe hebben de  opstellingen getest op hufterbestendigheid. Maar het zijn allemaal  eenmalige producties zonder garantie. Als de bewuste student vertrokken  is, moet je hopen dat hij goede documentatie heeft achtergelaten.\u201d  Overigens vindt Van der Meer het geen ramp als er een opstelling buiten  werking raakt. \u201cDat hoort ook bij techniek. Daar moet je eerlijk in  zijn.\u201d<br \/>\nTechnisch co\u00f6rdinator Bert Cornelisse beaamt dat de studenten  wel eens wat over het hoofd zien. Als voorbeeld noemt hij de hangende  ballenbak waarover de studenten niet hadden nagedacht hoe het ding te  onderhouden. Cornelisse stelde voor er een takel boven te maken waarmee  ze de opstelling konden laten zakken. En zo geschiedde. De glunderende  Cornelisse heeft er veel lol in om met studenten te werken. \u201cZe zien wel  eens wat over het hoofd, maar ze zijn soms zo verrekte snel en slim.\u201d<\/p>\n<p>Vanaf  vandaag is het Science Centre open voor het publiek. Het moet proberen  om komend jaar veertigduizend bezoekers te trekken, waarvan een kwart  uit schoolklassen zal bestaan. \u201cDat moet altijd een beetje groeien\u201d,  zegt Van der Meer. \u201cDie 20 tot 25 duizend van het Techniekmuseum halen  we zeker, maar 40 duizend is misschien wat veel.\u201d<\/p>\n<p><a href=\"http:\/\/www.delta.tudelft.nl\/nl\/achtergrond\/vrolijk-visitekaartje\/21646\">Lees in Delta<\/a><\/p>\n<p><a href=\"http:\/\/sciencecentre.tudelft.nl\">Weblink Science Centre<\/a><\/p>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>Drie dagen voor de opening wordt er nog volop gewerkt in het Science Centre Delft. Vanaf donderdag 2 september is het visitekaartje van de TU geopend voor het publiek.<\/p>\n","protected":false},"author":2,"featured_media":0,"comment_status":"open","ping_status":"open","sticky":false,"template":"","format":"standard","meta":{"footnotes":""},"categories":[5,24],"tags":[84,83,26],"class_list":["post-1263","post","type-post","status-publish","format-standard","hentry","category-artikelen","category-delta","tag-museum","tag-science-centre","tag-tu-delft"],"_links":{"self":[{"href":"https:\/\/www.joswassink.nl\/inzicht\/index.php?rest_route=\/wp\/v2\/posts\/1263","targetHints":{"allow":["GET"]}}],"collection":[{"href":"https:\/\/www.joswassink.nl\/inzicht\/index.php?rest_route=\/wp\/v2\/posts"}],"about":[{"href":"https:\/\/www.joswassink.nl\/inzicht\/index.php?rest_route=\/wp\/v2\/types\/post"}],"author":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.joswassink.nl\/inzicht\/index.php?rest_route=\/wp\/v2\/users\/2"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.joswassink.nl\/inzicht\/index.php?rest_route=%2Fwp%2Fv2%2Fcomments&post=1263"}],"version-history":[{"count":2,"href":"https:\/\/www.joswassink.nl\/inzicht\/index.php?rest_route=\/wp\/v2\/posts\/1263\/revisions"}],"predecessor-version":[{"id":1265,"href":"https:\/\/www.joswassink.nl\/inzicht\/index.php?rest_route=\/wp\/v2\/posts\/1263\/revisions\/1265"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/www.joswassink.nl\/inzicht\/index.php?rest_route=%2Fwp%2Fv2%2Fmedia&parent=1263"}],"wp:term":[{"taxonomy":"category","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.joswassink.nl\/inzicht\/index.php?rest_route=%2Fwp%2Fv2%2Fcategories&post=1263"},{"taxonomy":"post_tag","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.joswassink.nl\/inzicht\/index.php?rest_route=%2Fwp%2Fv2%2Ftags&post=1263"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}